Aan het begin van ieder jaar legt de Belastingdienst aan veel belastingplichtigen de voorlopige aanslagen inkomstenbelasting (bij natuurlijke personen) en vennootschapsbelasting (bij rechtspersonen) op voor het komende jaar. De uitgangspunten die de Belastingdienst gebruikt zijn vaak verouderd en zodoende niet meer up-to-date bij uw specifieke situatie. Controleer daarom uw voorlopige aanslagen goed en laat deze aanpassen indien u dit wenst.

Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat de voorlopige aanslag veel te laag is vastgesteld en u zodoende na het doen van de aangifte een groot bedrag ineens moet bijbetalen. Het is dan wellicht fijner om dat bedrag of een deel daarvan dit jaar al in maandelijkse termijnen te betalen zodat de klap na het doen van de aangifte veel minder groot is.

Wat we ook vaak zien, is dat de bron van inkomen van een belastingplichtige is veranderd maar dat de Belastingdienst nog van de oude situatie uitgaat bij het opleggen van de voorlopige aanslagen. Als u bijvoorbeeld ondernemer bent geworden en uw loondienstverband heeft ingeruild voor winst uit onderneming zult u vaak geen recht meer hebben op een voorlopige teruggaaf en kunt u, afhankelijk van de verwachte hoogte van de winst, beter alvast een voorlopige aanslag betalen.

Ook gebeurt het dat de Belastingdienst helemaal geen voorlopige aanslag oplegt. Als u denkt dat dit niet juist is, is het natuurlijk mogelijk om een voorlopige aanslag aan te vragen. De kans is groot dat de Belastingdienst dit signaal dan in volgende jaren oppikt en dan wel automatisch een voorlopige aanslag aan u uitreikt.

Zorg dus dat u controleert of u een voorlopige aanslag hebt ontvangen en of deze op de juiste gegevens berust. Op basis van uw wensen, kunt u vervolgens een nieuwe voorlopige aanslag aanvragen. Hiermee voorkomt u onnodige verrassingen achteraf en kunt u gedurende dit jaar uw aanslag gespreid betalen.

CategoryAlgemeen
logo-footer